logo albanieblog



deel 5 Rodon en Divjakë


Donderdag, 7 juni 2018

Jet had bijna het vliegtuig gemist. In plaats van om drie uur 's nachts de deur uit te gaan, was ze pas om tien voor vier opgestaan. Alles geregeld, behalve de wekker. Ze had voor 70 euro een taxi genomen, duurder dan het vliegticket, had haar T-shirt verkeerd om aan, alles in de kreukels. Het was heel apart om haar weer te zien, leuk natuurlijk, en ook om ineens weer in een auto te zitten, een Dacia ...nog wat, lekker hoog.
We zouden een beetje rustig aan gaan doen en de route die ik uitgekozen had, bleek daar heel geschikt voor. Vanaf het vliegveld even vergeefs gezocht naar kasteel Prezë en toen door naar de kaap van Rodon, langs een vrolijke strandweg met verschillende stalletjes waar je schepjes en gekleurde emmertjes en slippers kon kopen. Onderweg wilde ik een locatie voor Agrotoerisme verkennen, bij het meer van Huqi. Ik hoopte  dat Gilian Gloyer hier voorbij gereden was en het mijn persoonlijke ontdekking zou zijn (ik heb niet haar recente uitgaven gelezen, expres). Het bleek inderdaad een soort Hof van Eden, een complex van boomgaarden, terrassen en accomodaties rond een meer, met een ongelooflijke veelheid aan fruit en bloemen, een van de weinige plaatsen, zo leek het, waar echt een meerjarenplan op toegepast was. 's Avonds zijn we teruggegaan en hebben er vorstelijke gegeten. Lamb from the well. From the well? vroegen we. We dachten een lokale verspreking of metafoor, maar nee, het kwam echt uit een put. Een oude man liet het ons zien, een diepe stenen put met hout en kolen onderin. Hij noemde het getal tien. Tien schapen, bèèh? Lachen betekent ja? Bèèh. Of tien uur in de kolenwalm? Hoe dan ook, de put werd hermetisch afgesloten en zo gaarde het schapenvlees. Je merkte het wel, de smaak was complex en verfijnd, dwz moeilijk thuis te brengen, echt lekker. De wijn ook.


reunieput
Bij Huqi


Het hotel terugvinden was wat lastiger, er was geen straatverlichting, geen markering, door het afkoelen besloegen de ramen van de auto ondanks heftig blowen keer op keer en dan moet je ook nog uitkijken dat je niet in een put met schapen rijdt. Raar hotel trouwens, Vishnu Group, van buiten als een kasteel, van binnen een oude zooi van begin jaren 1980, met zo'n wandmeubel. En een soort bouwlamp. Op het terras hingen heel huiselijk de lakens voor toekomstige gasten, maar stak ook een verzameling ijzeren pennen omhoog. We kennen ze inmiddels goed, want je ziet ze overal, ze vormen de bewapening voor een betonnen constructie die nog gebouwd moet worden. Verdieping voor verdieping.
 
De weg naar de kaap van Rdon, waar we 's middags heen gingen, was schitterend, golvende en slingerend door een typisch duinlandschap, maar met afwisselend uitzicht, soms steile kliffen vol oeverzwaluwen, dan  lapjes bewerkte grond, een groepje koeien met de poten in het water aan een piepklein strandje. Het kerkje van Sint Anthonie lag zoals ik in het boek al had gegokt rondom gelukkig in het landschap, onderdeel van een klooster dachten wij, gelet op de ruïnes rondom, met twee lagen stuc met fresco die met zandranden voor verder afbrokkelen waren behoed. Vlakbij het kerkje, overigens alleen te bereiken via een rotsig pad waar je van links naar rechts door de auto geslingerd werd, lagen een heleboel Hoxha bunkers. Ook richting het kasteel, dat op het laagst van de noordelijke flanken lag en dat we alleen uit de verte hebben bekeken omdat ik duizelig van de hitte werd (Jet had er gek genoeg geen last van) had de neurose van de communisten duidelijk groteske vormen aangenomen. Daar waren niet alleen bunkers, daar waren complete grotten.


lalezit
Lalëzit

rodon
De kaap van Rodon

koeien

pluimen

kerk
Kerk van Sint Anthonie

haven
Haven (voor onderzeeër?)

klif

kasteel
Het kasteel van Rodon

Divjakë

De volgende dag zouden we naar Divjakë, langs de kust. We reden toevallig door Kavajë, waar ik net was geweest, wilden op een secundaire weg verder, maar moesten stoppen en keren omdat de weg was ingezakt. De weg is niet druk, maar je moet op alles bedacht zijn, kuilen, overstekende dieren en mensen, wegpiraten én langzaam rijdend verkeer, ik heb zelfs een keer een auto helemaal links op de snelweg zien stilstaan omdat de chauffeur sprak met iemand die daar in een gemotoriseerde rolstoel stond.
In Roggozhinë vonden we aanvaardbare slippers voor Jet. We wilden in Peqin naar de oude moskee kijken, maar daar stond een moslim met verwaaide baard (fanatiek...) zo argwanend in de deuropening dat we maar zijn doorgelopen.



peqingeit
De moskee in Peqin en wat straatmeubilair

peqin
De mode van Peqin


Het nationale park van Divjakë-Karavasta was meteen een verrassing. Mooie houten bordjes, een lang plankier boven zompige stukken land met magrovebossen, een spierwitte kraanvogel en... een eerste exemplaar van de kroepskoppelikaan, de soort waaraan het park zijn bekendheid dankt. Wat een ontzettend groot beest was dat! Vleugelwijdte 1,8 meter en ze wegen wel vijftien kilo. We reden door tot de strook van zand en dennen tussen de lagune en de zee en vonden Restaurant Taku, dat ik van foto's had uitgezocht. Het was een schot in de roos, althans voor ons: tafeltjes tussen de bomen in het zand, een soort bijgebouwtje met een grote houtoven waar de kolen uit werden gehaald om de vis boven te roosteren. Niet voor naaldhakken, heb ik erbij gezet in het boek. We bedachten dat je persona's kon creëren aan de hand van schoenen: van sneakers tot gezondheidssandalen.


oven
De oven van Taku


Het viel ons op hoeveel hotels en restaurants leeg stonden en half waren ingestort. Bij het toeristeninfocentrum ontmoetten we Enea, de chief manager van het park. Hij vertelde hoe het kwam. Na de bijna-burgeroorlog van 1997 hebben mensen zich gewoon grond toegeëigend en zijn ze gaan bouwen. Pas een paar jaar geleden heeft de regering Rama een halt toegeroepen aan de wildgroei en piraterij. Een aantal restaurants hebben of hadden al een concessie gekregen, de andere die nog in bedrijf zijn, zei Enea, zijn in feite illegaal. Ook Taku, onze instant favoriet.
Enea was bijzonder tegemoetkomend en wervend, hij vertelde van een groep biologen die de volgende dag zouden komen. Als we geïnteresseerd waren... Tuurlijk waren we dat!


eneajohny
Enea en Johny

kerkje
Het kerkje van Thanasis in Karavasta


Eerst hadden we nog een overnachting: in een guesthouse, Le Olive, eigenlijk gewoon bij mensen in huis, een beetje ongemakkelijk, want het hek ging achter de auto dicht en de vloeren glommen zodat je vanzelf je schoenen uitdeed waarna je een paar damesachtige sloffen kreeg aangeboden die je natuurlijk niet durfde te weigeren, enfin, ze waren wel heel lief die twee en we kwamen erachter dat ze de ouders waren van Teuta Voto, de staatssecretaris van Justitie in de Albanese regering. Bij het ontbijt kregen we een soort oliebollen, Naja, de vrouw van het stel, kon ze zelf niet eten vanwege haar maag. Om een uur of half negen kwam ook haar man Fori binnen. Teuta zou op tv komen. We probeerden te praten met het boekje, toen we vroegen over de communisten zag je hun gezicht totaal betrekken, vooral dat van Fori. Wat bleek: hun beider vaders waren vermoord en zelf hadden ze vanwege politieke activiteiten in de gevangenis gezeten. Ik zocht naar het woord voor verzoening en verleden. De gebaren van Naja spraken boekdelen. Wat een stomme vraag. Hoe kun je je ermee verzoenen dat je vader was vermoord? Wat me treft, of wat ik denk dat hen het meest verbitterd heeft en blijft verbitteren: dat het niet voor idealen was, dat mensen zo hebben geleden en zijn vermoord, maar voor het gebrek aan idealen, voor domheid, voor een of twee stupide dogma's. Ook Froseda, in Pogradec, had het over gebrek aan intellectuele capaciteiten bij de machthebbers van toen. Martin, in Tirana, noemde hetzelfde voor de huidige politiek, en vandaag, maar dat duurt nog even, hebben we de burgemeester van Berat ontmoet die zijn angst uitsprak voor het peil dat overbleef als alle corrupte rechters, officieren van justitie, advocaten en politici door het proces van vetting dat nu plaatsvindt, zouden zijn opgestapt. Steeds duidelijker wordt het beeld van de braindrain die Albanië tijdens en na het communisme in de ellende heeft gestort en hoe die doorwerkt, de intellectuelen lijken af en toe wel een soort eenzame wolven.
Goed, het was een prachtig gezicht toen Teuta op tv verscheen, een vrouw van rond de dertig notabene, heel welbespraakt voor zover we konden beoordelen en erg bescheiden maar serieus en overtuigd. Naja en Fori waren apetrots, natuurlijk, maar ze  luisterden niet minder aandachtig, van begin tot eind, je kon zien dat ze uiterst betrokken waren en ook politiek nog steeds zeer geëngageerd. Het was mooi om te zien.


naja en fori
Naja en Fori die naar hun dochter kijken


We waren te laat bij de groep maar het kwam goed uit op een of andere manier want nu konden we direct mee met een boottocht, samen met twee Belgen. We scheurden met Enea over een grote zandvlakte naar een van de drie kanalen tussen de lagune van Karavasta en de zee, waar een zogenaamde dajlan was gebouwd, een constructie geïntroduceerd door de Ottomanen om vis de vangen door gebruik te maken van het tij, eenvoudig maar vernuftig. We gingen met een smalle roeiboot, Enea droeg ons over aan de bioloog van het nationale park, Ervin, die een locale visser had gecharterd om naar het pelikaneneiland te gaan. Het was ondiep water, heel stil, en warm en daar stonden ze inderdaad, een stuk of zestig denk ik, groot en klein, heel bedrijvig. Van sommige zag je de nek wapperen in de wind (mijn voorland). We dobberden zo'n beetje en gaven elkaar vol bewondering de verrekijker door. De Vlamingen heetten Guido en Lidia, ze waren al een tijdje onderweg, uit het noorden van Albanië en zaten vol verhalen. We zijn met zijn vieren gaan eten bij Taku, dit keer sepje, inktvis en ook zij vonden het er heerlijk, zodat we veel te lang bleven zitten. Dit keer was het de dag van de educatie (elke dag is er wat) of misschien van het dansen want binnen in het restaurant was al die tijd een grote groep schoolkinderen rondjes aan het draaien op volksmuziek die steeds harder werd, tot, zo merkte ik toen ik de schuifdeur open deed om naar de wc te gaan, je ongelogen haast werd weggeblazen voor de geluidsbox. 's Avonds tuitten mijn oren er nog van. We waren toen in Hotel Familja vlakbij Berat, wat zal ik daarover zeggen? Misschien dat we een Nederlandse man ontmoetten die voor A. Hak in Albanië al jarenlang bezig is met het aanleggen van een Transatlantische gasleiding voor gas uit Azerbedjan. Voor de Albanezen was dat te specialistisch maar de afspraak was wel, althans dat had ik begrepen, dat voor elke Nederlander er ook een Albanees moest werken. Hij leefde al 26 jaar zo, vier weken werken en dan vier dagen vrij, met een gezin... 


visser
Visser bij de dajlan

ervin
Bioloog Ervin en de visser

pelikanen
De nestelende kroeskoppelikanen

dajlan
De lagune en het kanaal met de dajlan

parasols
Parasols op het strand van Divjakë

guido en lidia
Guido en Lidia

pilaren
Het belangrijkste staat


Lieve lezers, dank voor jullie aandacht. Van Heleen kregen we de vraag of er niet een kaartje bij kon. Dat gaan we regelen, voor de volgende keer. We zitten nu in Berat uit te hijgen van een dag met een complete hofhouding, ik met bier Jet met het lokale toetje, een soort lauw ijs dat de dame van de winkel schreeuwend skrin noemde. Kaas? Nee! Skrin!
Missen jullie iets, moeten we iets uitzoeken? Laat het weten. 

Naar de volgende aflvering
Terug naar het overzicht





Wil je meer weten over mijn andere werk? Ga naar de homepage van mijn site



Tekstbureau OpSchrift
Yvonne van Osch
Binnenkadijk 117, 1018 ZE Amsterdam
opschrift@tip.nl | 06-37313100